Dec 20, 2016

Nieuwe inzichten rond Q-koorts


Op 24 november organiseerde Q-support de laatste Q-tour in ziekenhuis Bernhoven met een speciaal programma. Tijdens deze avond deelde medisch adviseur Alfons Olde Loohuis op zijn eigen, toegankelijke manier nieuwe inzichten rond Q-koorts. Niet iedereen kon aanwezig zijn tijdens deze avond. Een aantal patiënten heeft ons dan ook gevraagd naar meer informatie over die nieuwe inzichten. We zetten ze hier kort uiteen.

Q-koorts is een raadselachtige ziekte  met een geniepige bacterie. Onderzoek laat zien dat deze bacterie zich op verschillende manieren openbaart. De levende bacterie is erg agressief en kan, zoals we weten, levensgevaarlijk ontstekingen veroorzaken aan vaten en hartkleppen. Maar ook als de bacterie niet meer in deze levende, agressieve variant in ons lichaam aanwezig is, kan die een sluimerend bestaan leiden. Dat  zou volgens onderzoekers meer van de gevolgen die we kennen als QVS, een postinfectieus syndroom kunnen verklaren.

Immuunstress

Ons lichaam kent zogenoemde monocyten. Dit zijn grote verdedigingscellen die ons beschermen tegen ziekteverwekkers zoals bacteriën. Ze zijn een onderdeel van ons immuunsysteem. In die cellen zitten holtes waar de bacterie wordt opgeslagen en met een zuur geleidelijk worden vernietigd. Alleen zijn er nu aanwijzingen dat blijkt dat de Q-koortsbacterie ondanks dat zure milieu een sluimerend bestaan kan blijven leiden. En vanuit zijn plek in die cel signaalstoffen afgeeft die de cel onrustig maken. Dat leidt tot immuunstress. Met alle gevolgen van dien. Er zijn steeds meer aanwijzingen voor deze theorie. Momenteel worden middelen getest op muizen om te zien of dit effect kan worden bestreden. Die middelen vallen in de categorie van de epigenetische medicijnen. Deze middelen kunnen de werking van een cel beïnvloeden. Of deze onderzoeken uiteindelijk leiden tot een medicijn dat werkzaam is voor QVS, is pas over enkele jaren duidelijk.

Sporen in de hersenen

Een tweede inzicht dat berust op dezelfde theorie, komt voort een speciale PET-scan studie. Uit deze studie is gebleken dat er sprake is van ‘littekens’ in de hersenen als gevolg van de Q-koortsbesmetting. De hiervoor beschreven monocyten met de sluimerende Q-koortsbacterie laten hier sporen na. Dat verklaart ook de zware hoofdpijn die sommige patiënten aan het begin van de besmetting krijgen. Deze uitkomst onderschrijft de  nieuwe bevindingen met de monocyten en zou tot een zelfde behandeling kunnen leiden .

Q-koortsoverstijgend

Het is heel bijzonder dat deze onderzoeksresultaten Q-koortsoverstijgend zijn. Ze leren de onderzoekers veel over de langetermijngevolgen van een dergelijk forse infectie in het algemeen en een postinfectieus syndroom in het bijzonder. Met name de nieuwe inzichten in de epigenetica, waarmee duidelijk wordt dat werking van een cel kan worden beïnvloed, dragen daar toe bij.

De inzichten die Alfons Olde Loohuis deze avond presenteerde, zijn gebaseerd op onderzoeken van: prof. Marmion, Australië, prof. Netea, Nijmegen en, Jashuhito Nakatomi Japan.